De beleidsvraag klopt. Maar is het ook het echte probleem?

De druk om te leveren is hoog. Er moet iets liggen. Iets concreets. Iets zichtbaars. En dus formuleren we een vraag: wat gaan we maken? Een nieuwe visie. Een uitvoeringsagenda. Of een set projecten in de wijk. Logisch. En vaak goed bedoeld. Maar raken we daarmee altijd het echte probleem?

Wat we vaak zien

Zelden ontbreekt het aan ambities. Visies, beleidskaders en programma’s zijn er vaak al.

Wat lastiger is:

  • waarom komen ze in de praktijk niet (goed) van de grond?

  • waarom loopt uitvoering vast, ondanks inzet en betrokkenheid?

  • waarom stapelen initiatieven zich op, zonder dat ze elkaar versterken?

Toch blijven we het antwoord vaak zoeken in nog iets toevoegen.

Dezelfde vraag, twee totaal verschillende wijken

In ons werk met gemeenten kregen we twee keer vrijwel dezelfde opdracht: “Vertaal onze visie door naar concrete projecten in de wijk.”

  • In wijk A gebeurde nog weinig → daar was activeren en opstarten nodig.

  • In wijk B liepen meer dan 100 projecten → daar zat het probleem juist in afstemming, eigenaarschap en overzicht.

De beleidsvraag was hetzelfde. De bestuurlijke context leek vergelijkbaar. Maar de werkelijkheid vroeg om een volledig andere aanpak.

Daarom begint de MeeMaak-Methode niet bij de oplossing

Binnen de MeeMaak-Methode starten we bewust niet met het maken van iets nieuws. We beginnen met samen kijken:

  • wat gebeurt hier al, bij bewoners, organisaties én gemeente?

  • waar schuurt het tussen beleid en praktijk?

  • waar overlapt inzet, en waar valt iets tussen wal en schip?

Pas als dat scherp is, kiezen we gericht: meer richting, meer ruimte, meer structuur – of juist minder.

Onze uitnodiging

Misschien zit de grootste winst niet in sneller beslissen, maar in eerder het juiste gesprek voeren.

Niet meteen: “Wat gaan we maken?” Maar eerst: “Wat is hier eigenlijk het probleem?”

Wil je hierover sparren met ons? Een afspraak plannen kan bijvoorbeeld hier.

Onze nieuwsbrief ontvangen?